Op maandag 20 november 2017 werd het eerste exemplaar van mijn boek 'Moeders vader' aangeboden aan de burgemeester van Deventer.

Tot de zomer van 1961 woonde ik in die stad. Mijn slaapkamer was op twee hoog met uitzicht op de straat. Ik werd geacht daar mijn huiswerk te maken, maar de gebeurtenissen op straat vond ik veel interessanter. Tegenover ons woonde mijn oma, mijn moeders moeder. Boven haar huis zag ik de populier uit haar tuin. Het was de hoogste boom in de buurt. Populieren groeien snel. Waarschijnlijk was deze toen nog maar zo’n dertig jaar oud. In de boom zat in het voorjaar vaak een gieteling te zingen. In Deventer is een gieteling een vogel die in het Algemeen Beschaafd Nederlands merel heet. Ik floot soms terug en dan ging het beest helemaal los. Misschien was het wel een van de redenen waarom ik later bioloog werd.

Ik besef nu pas dat die boom waarschijnlijk geplant was door de grootvader die ik nooit heb gekend, de grootvader die Opzichter van de Landerijen was van de gemeente Deventer, de rentmeester van de stad. In die tijd had Deventer veel gronden in eigendom. De stad was – zogezegd – een dikke boer. Inmiddels zijn de gemeentelijke landerijen naar de Stichting IJssellandschap gegaan.

Mijn opa, Johan Hendrik Heuvel (1892-1928), overleed plotseling op vijfendertig jarige leeftijd tijdens (maar niet door) zijn werk. Het verdriet over zijn dood was groot, maar werd grotendeels weggestopt. Zijn kleinkinderen kregen daarom vrijwel niets over hem te horen. Wij wisten alleen dat hij de oudste zoon was van een schoolmeester uit Borculo, Hendrik Willem Heuvel (1864-1926). Die schoolmeester was een bekende publicist in de Gelderse Achterhoek. Over hem wisten wij wél van alles. Die schoolmeester was dus mijn overgrootvader.

Zo’n twee jaar geleden vond ik een paar brieven die waren geschreven door mijn onbekende opa, Johan Heuvel. Die brieven fascineerden me. Ik wilde meer over Johan Heuvel weten, maar er was toen niemand meer in leven die hem gekend had. Het lukte me toch om een tamelijk volledig beeld over hem samen te stellen, vooral dankzij de uitvoerige dagboeken van zijn vader, schoolmeester Heuvel, en de archieven in Arnhem, Kampen en Deventer.

Het gezin Heuvel gefotografeerd in Harderwijk in 1905: helemaal rechts mijn opa Johan Hendrik (1892-1928), daarnaast zijn vader Hendrik Willem (1864-1926), dan zijn broertje Hendrik Antonij (1903-1955), zijn moeder Derkje Wesseldijk (1869-1955), en tenslotte zijn zusje Lammerdina Johanna Gerharda (1898-1972).

Het verhaal  begint in het geboortedorp Gelselaar en gaat verder via Borculo, met uitstapjes naar familie in het Gelderse Laren, het Veluwse Tongeren en het landgoed de Essenburg bij de Zuiderzee. Johan kreeg onderwijs aan de driejarige HBS in Winterswijk, de Landbouwwinterschool in Zutphen en van de ‘Nederlandsche Heidemaatschappij’ op tal van locaties in Nederland, waarvan de Polder de Koekoek bij Grafhorst en het hoofdkantoor in Arnhem de zwaartepunten waren. De Heidemaatschappij was toen nog niet Koninklijk, maar al wel onder koninklijke bescherming. Johan werkte er enkele jaren en werd – dankzij de opleiding die hij daar kreeg – de tweede Nederlander die een officieel  rentmeesterexamen haalde. De finale van het verhaal, de apotheose, speelt zich uiteraard af in – en vanuit – de gemeente Deventer – ook in het stadhuis – met nogal wat dramatiek, zoals twee keer een watersnood, een stormramp in Borculo en twee begrafenissen.

Het boek kost € 19,95 en kan worden besteld bij uitgeverij Fagus

Burgemeester Andries Heidema (midden) heeft zojuist het eerste exemplaar van het boek ontvangen in de Oude Raadszaal van het Stadhuis in Deventer. Rechts in beeld staat de uitgever Hans de Beukelaer en links sta ik - bijna onherkenbaar vermomd.

De zaterdag daarna, 25 november 2017 was de presentatie van de Heuvelbundel 'In het voetspoor van Heuvel' in de oude boerderij 't Levenkamp waar een overgrootmoeder van Hendrik Willem Heuvel, mijn overgrootvader, geboren werd. Mijn bijdrage aan deze bundel had me geïnspireerd om de levensloop van mijn  grootvader verder uit te zoeken. Toen ik daaraan begon had ik niet verwacht dat dit een boek zou worden, dat bovendien eerder af zou zijn dan de bundel.

 

 

contact via e-mail: johan-van-rhijn@wxs.nl