beesten

Mijn vader had een stel kippen, vooral vanwege de eieren. De overige huisdieren in en om mijn ouderlijk huis verbleven er meestal tijdelijk. Ik had een poosje een konijn, een gehandicapte kraai, een hamster en een stel jonge eenden. Ook waren er soms salamanders, hagedissen en vissen. In mijn studententijd had ik alleen wat wandelende takken en af en toe de zorg voor de kanariepiet van de hospita.

Er kwamen veel meer dieren toen ik naar het vervallen woninkje verhuisde dat later de kern van mijn 'landgoed' zou worden. De eerste was een pikzwarte  kat, vervolgens kreeg ik enkele kippen, daarna kocht ik vier konijnen en - voordat ik er een jaar woonde - ook nog twee geiten. Het werd een gezellige boel, vooral door de konijnen die in de tuin een hol konden graven. Er bleken twee mannen en twee vrouwen in het gezelschap te zitten. Al spoedig doken er kleine konijntjes op uit de holen. Het werd tijd om de rammen van de ooien te scheiden. Binnen een half jaar liepen er zo'n vijftig konijnen rond. Het voer was bijna niet aan te slepen.

Beesten zijn er altijd gebleven. Kippen, katten, een paar dierbare honden, soms konijnen, cavia's, ganzen, duiven, geiten of schapen.

Rond 1990 huurden we de een paard en een huifkar om met de kinderen een week lang op 'stap' te gaan. Dat werd een fantastische vakantie, zo fantastisch dat we de volgende twee vakanties alweer een kar huurden. Toen moest er een eigen fjordenpaard komen en een eigen wagen. En paard is maar alleen, dus kwam ook de pony die de buren niet meer wilden hebben. Soms liepen er wel drie paarden in de wei, tijdelijk zelfs een echte Belgische knol. Intussen is het fjordenpaard Katja een dame op leeftijd, die dat nauwelijks laat merken. Ze is verknocht aan haar nieuwe maatje, Dunja, een Shetland pony die twintig jaren jonger is. Inmiddels heeft die ook al weer een twee jaar jonger maatje, Famke, ook een Shetlander.

 

contact via e-mail: johan-van-rhijn@wxs.nl