Er komt binnenkort weer een nieuw boekje van mij.
De werktitel is:
Gluren naar boeren en mensen
'de student', het veen en de klei
Het begon allemaal met een studie van het gedrag van een bijzondere vogel, de kemphaan, en een verblijf van twee maanden in een schaftkeetje in het veld, een kilometer lopen vanaf de openbare weg. Daarna was ik toe aan een nieuw onderkomen en belandde in 1969 in een vervallen woning in een gehucht van vier huisjes en drie boerderijen. De woning had drie jaar leeg gestaan en er was bijna niks.
Ik maakte kennis met mijn buren, luisterde naar hun verhalen en kon het niet laten om te kijken hoe ze met elkaar omgingen, zoals ik ook bij de kemphanen had gedaan. Volgens sommigen is de bevolking van Oost-Groningen in te delen in twee groepen: boeren en mensen. Geldt dat ook voor mijn gehucht? Ligt dat genuanceerder?